Bijna 20.000 mensen hebben in Vlaanderen geen vaste thuis, onder wie bijna 6.000 kinderen.
Het merendeel van de dak- en thuisloze mensen níet op straat slaapt? De meesten gaan tijdelijk bij vrienden of familie — zogenaamde sofasurfers.
Daklozen gemiddeld 20 tot 30 jaar korter leven dan mensen met een vaste woonplek.
De levensverwachting van daklozen tussen de 50 en 60 jaar ligt.
Bijna één op vijf daklozen is een jongvolwassene tussen 18 en 25 jaar.
'Slechts' vijf procent van alle dak- en thuislozen overleeft op straat.
Meer dan 7 op de 10 dak- of thuislozen heeft vermoedelijk gezondheidsproblemen.
De samenstelling verandert: er zijn steeds meer vrouwen en mensen met migratieachtergrond onder daklozen. Het stereotiepe beeld van de man op straat geldt steeds minder voor de volledige groep.
Meer dan een kwart van dak- of thuislozen kampt met een verslavingsproblematiek.
Het aantal daklozen in Brussel is tussen 2008 en 2022 meer dan verviervoudigd: van ca. 1.724 naar 7.134 personen in de tellingen.
België in begin van 2025 een opvangcapaciteit van 36.205 plaatsen had via Fedasil+ partnerorganisaties. Die plaatsen zijn voor ~94% bezet — de bezettingsgraad ligt dus erg hoog.
Het armoederisico af neemt naarmate het opleidingsniveau stijgt: bij hooggeschoolden ging het in 2024 om 4%, bij laaggeschoolden om 13%.
Personen geboren in België het laagste armoederisico (6%) kennen en personen geboren buiten de Europese Unie (EU27) het hoogste armoederisico (26%) kennen.
Het armoederisico in 2024 lag, net als in voorgaande jaren, het hoogst in de provincie Antwerpen (11%) en het laagst in de provincie Oost-Vlaanderen (6%)
In Vlaanderen wordt 1 op 7 kinderen geboren in een kansarm gezin. Dat wil zeggen dat zo’n 130.000 kinderen al van in de wieg minder kansen krijgen. En dat aantal blijft elk jaar maar stijgen.
De Europese armoedegrens voor een alleenstaande ligt in 2025 op 1.520 euro per maand.
Wereldwijd leven er ongeveer 700 miljoen mensen onder de extreme armoedegrens. Samen met hun gezin moeten zij rondkomen van minder dan $2,15 per dag. Door de coronacrisis en de hoge inflatie blijft dit aantal stijgen. 333 miljoen van hen is kind.
Onder huurders leeft 28% in armoede of sociale uitsluiting, tegenover 8% van de eigenaars.
Dit de 3 armste landen zijn in de wereld:
1: Burundi
2: Democratische Republiek Congo
3: Niger
Het armoederisico is het hoogst bij de oudste (65+) en jongste (-15) leeftijdsgroepen.
Vrouwen in de EU verdienen gemiddeld 12,7% minder dan mannen, wat bijdraagt aan het armoederisico voor vrouwen
1 op 10 Vlamingen en 12% van de Vlaamse kinderen leeft in armoede.
Zonder sociale transfers zou het aantal mensen met armoederisico in België dubbel zo hoog zijn.
Langdurige kinderarmoede effect heeft op de hersenontwikkeling, schoolprestaties en stressregulatie.
72 % éénoudergezinnen moet het vaakst de doktersbehandeling stoppen door geldgebrek.
10,8 % Vlamingen hebben een maandinkomen onder de armoedegrens.
Armoede leidt tot meer eenzaamheid, vermoeidheid en lichamelijke pijn.
Armoede is vooral veroorzaakt door conflict met familie of vrienden (37,4%).
Bij jongvolwassenen kunnen relatieproblemen (15%), immigratie (11,2%), uithuiszetting (10,4%) of psychische problemen (10,2%) leiden tot armoede.
De rijkste 20% van de Belgische bevolking bijna vier keer zoveel verdient als de armste 20%.
Landen met grotere inkomensongelijkheid gemiddeld meer sociale problemen kennen (zoals hogere criminaliteit, minder vertrouwen en slechtere gezondheid).
Kinderen en adolescenten met een lagere sociaaleconomische status (SES) vaker ongezonde gewoonten hebben, zoals roken, weinig beweging en energierijk eten.
Voedselonzekerheid (food insecurity) bij volwassenen sterk gelinkt is aan heel veel negatieve gezondheidsuitkomsten, zoals stress, depressie, hoge bloeddruk en suïcidepogingen.
Huisvestingskosten in Europa voor veel mensen onbetaalbaar zijn, wat leidt tot huisvestingsinadequatie, financiële stress en zelfs dakloosheid.
Armoede, dakloosheid én honger gepaard kunnen gaan met ernstige psychische problemen bij kinderen. In een psychiatrie-studie wordt armoede (en dakloosheid) als belangrijke factor genoemd voor mentale gezondheidsrisico’s.
Armoede niet alleen gaat over gebrek aan inkomen, maar ook over uitsluiting op basis van toegang tot basisvoorzieningen, sociale diensten en mensenrechten (zoals adequate huisvesting, voeding, gezondheidszorg).
Dakloze volwassenen zeer vaak voedingsdeficiënties hebben: lage niveaus van ijzer, folaat, vitamine C, D én B12, ondanks dat sommigen overgewicht hebben.
Daklozen met een problematisch drinkgedrag (alcohol) vaker ernstige voedingstekorten vertonen dan andere dakloze mensen.
In 2024 ongeveer 19,5 miljoen kinderen in de EU (24,2%) het risico liepen op armoede of sociale uitsluiting.