Armoede betekent niet alleen een gebrek aan inkomen: het omvat een bredere schaarste op verschillende levensdomeinen, zoals huisvesting, gezondheid, sociale deelname en onverwachte kosten zoals SDG1 bespreekt. In België leeft momenteel ongeveer 18,3% van de bevolking in een risicosituatie van armoede of sociale uitsluiting, volgens de laatste SILC‑survey van Statbel.
Daarnaast ervaart 11,1% van de Belgen materiële en sociale deprivatie, dat wil zeggen dat ze moeite hebben met essentiële uitgaven zoals onverwachte kosten, verwarming of zelfs vakantie.

Armoede is vaak niet het gevolg is van persoonlijke keuzes, maar van bredere sociale en economische omstandigheden.
Voorbeelden:

De gevolgen laat zien hoe armoede het dagelijks leven en de kansen van mensen beïnvloedt.
Voorbeelden:

Absolute armoede betekent dat mensen leven onder een minimale inkomensgrens en niet kunnen voorzien in basisbehoeften zoals:
Deze vorm van armoede bedreigt direct het welzijn en de gezondheid van mensen. De Verenigde Naties gebruiken absolute armoede als maatstaf om extreme armoede wereldwijd te meten.

Relatieve armoede beschrijft de levensomstandigheden van mensen in verhouding tot de rest van de maatschappij.
Ook als basisbehoeften (net) vervuld zijn, kan iemand in armoede leven wanneer hun inkomen aanzienlijk lager ligt dan dat van anderen in dezelfde samenleving.
Dit leidt tot:

Sociale armoede verwijst naar de beperkingen om volledig mee te draaien in het sociale en maatschappelijke leven. Dit kan voortkomen uit financiële problemen, maar ook uit schaamte, stress en sociale uitsluiting.
Mensen in sociale armoede kunnen vaak niet deelnemen aan activiteiten die voor anderen vanzelfsprekend zijn, zoals:
SDG 1 (Sustainable Development Goal 1) is het eerste duurzame ontwikkelingsdoel van de Verenigde Naties. Het streeft ernaar om tegen 2030 extreme armoede uit te roeien en armoede in al haar vormen te verminderen. Dit doel gaat verder dan enkel financiële armoede: het omvat ook toegang tot gezondheidszorg, onderwijs, huisvesting, sociale bescherming en gelijke kansen.
Armoede is wereldwijd én lokaal een groot probleem. Ook in Vlaanderen leven nog steeds te veel mensen in armoede of bestaansonzekerheid. Door armoede aan te pakken, versterk je de volledige samenleving: mensen krijgen meer kansen, meer stabiliteit en meer levenskwaliteit.
De best passende subdoelstelling bij onze stand is "SDG 1.4 – Toegang tot basisdiensten en rechten voor iedereen".
Het officiële doel zegt:
"Zorg ervoor dat in 2030 alle mannen en vrouwen, met name de armen en kwetsbaren, gelijke rechten hebben op economische middelen, evenals toegang tot basisdiensten, eigendom en controle over land en andere vormen van eigendom, erfenissen, natuurlijke hulpbronnen, passende nieuwe technologie en financiële diensten, inclusief microfinanciering."
Waarom SDG 1.4 perfect past:
Ook het doel "SDG 1.2 - Armoede in al haar vormen terugdringen" kan gelinkt worden aan onze stand.
Het officiële doel zegt:
"Tegen 2030 moet het percentage mannen, vrouwen en kinderen van alle leeftijden dat volgens de nationale definities in armoede leeft in al haar dimensies, met ten minste de helft zijn verminderd."
Waarom SDG 1.2 ook heel relevant is:
Dakloosheid betekent dat mensen geen stabiele woonplaats hebben en vaak ook beperkt toegang hebben tot basisvoorzieningen zoals voedsel, gezondheidszorg en onderwijs. In Vlaanderen telt bijna 20.000 dak- en thuislozen, onder wie 5.707 kinderen volgens de telling van KU Leuven.
We organiseren een tombola om aandacht te vragen voor dit probleem. Want zoals bij dakloosheid, kiezen mensen niet in welke omstandigheden ze geboren worden. Met onze actie willen we solidariteit tonen en steun bieden aan wie het het hardst nodig heeft.